Het Atrium

Onze school voor praktijkonderwijs heeft de opdracht om leerlingen voor te bereiden op wonen, werken en recreëren. Ook aansluitingmogelijkheden met reguliere scholingstrajecten (MBO) zijn daarnaast voor bepaalde leerlingen haalbaar. De begeleiding van hun verdere ontwikkeling vraagt dan ook een aparte benadering.

In onze benadering willen we uitgaan van de mogelijkheden van individuele leerlingen in plaats van ons te richten op gesignaleerde beperkingen. Onze leerlingen leren het beste in de praktijk. Vandaar dat wij de praktijk boven de theorie stellen (theorie is ondersteunend). Het ontwikkelingsproces van leerlingen binnen onze school voor praktijkonderwijs is gericht op zelfsturing (zelfredzaamheid) op basis van een reëel zelfbeeld en een optimaal vertrouwen in de eigen mogelijkheden van de leerling.

Onze leerlingen moeten hun denken en doen zo veel mogelijk zelf leren sturen. Alleen dan kunnen zij verantwoordelijkheid dragen voor zichzelf, voor anderen en hun omgeving. Wij willen de ontwikkeling naar zelfsturing realiseren vanuit een (adaptieve) werkwijze die tegemoet komt aan de psychologische basisbehoeften:

  • relatie; welkom zijn, je veilig voelen en weten dat je erbij hoort;
  • competentie; je serieus genomen voelen, vertrouwen krijgen in eigen mogelijkheden en eigen kunnen;
  • autonomie; ruimte krijgen, initiatief kunnen tonen, problemen zelf leren/kunnen oplossen.
    Dit vraagt om:
  • een veilig en uitdagend schoolklimaat waarvan leerlingen zich mede-eigenaar kunnen voelen;
  • betekenisvolle leersituaties die leerlingen stimuleren en motiveren;
  • de ontwikkeling van vaardigheden die de zelfstandigheid bevorderen;
  • het ontwikkelen van een reflectieve houding.Bij de inrichting van het schoolprogramma hanteren wij de volgende uitgangspunten:
  • in het praktijkonderwijs is de leerling de maat; de leerstof volgt de leerling;
  • de lesstof is waar mogelijk praktisch gericht en betekenisvol;
  • de school streeft niet naar een bepaalde vakopleiding. Potentiële werkgevers vragen vooral om goede sociale vaardigheden en algemene werkhoudingsaspecten;
  • via een gevarieerd aanbod van les- en trainingssituaties binnen de vier richtingen van het VMBO maken de leerlingen binnen de praktijklessen enerzijds kennis met basisvaardigheden, terwijl anderzijds duidelijk de nadruk zal liggen op werkhoudingsaspecten en sociale vaardigheden op de werkvloer;
  • een uitgebreide kennismaking met (de mogelijkheden binnen) de regionale arbeidsmarkt wordt in het kader van een goed georganiseerd stagetraject optimaal benut.

Het schoolklimaat

Ons praktijkonderwijs is bedoeld voor leerlingen die bij de begeleiding extra zorg nodig hebben; ze zijn aangewezen op een zogenaamde orthopedagogische en orthodidactische benadering. Dat betekent dat we proberen om binnen onze school een veilige en vertrouwde leer- en leefomgeving voor alle leerlingen te garanderen. Leerlingen dienen zich geaccepteerd te voelen in de school en in de groep. Zij moeten zich naar eigen mogelijkheden kunnen ontwikkelen. Hun prestaties worden beoordeeld naar hun inspanning en niet vergeleken met die van medeleerlingen. Het schoolklimaat moet de leerlingen veiligheid en houvast bieden. Dit vereist duidelijke regels, structuur, acceptatie en begrip. Structuurzwakke, angstige en teruggetrokken leerlingen moeten zich binnen onze school prettig (kunnen) voelen.

Adaptief onderwijs

Volgens onze visie op praktijkonderwijs vindt het belangrijkste deel van het onderwijsleerproces vooral plaats in de groepen. De kwaliteit van de omgang en het samenspel tussen de leerkracht, de leerling en de groep bepaalt voornamelijk de opbrengst van het onderwijsleerproces. Adaptief onderwijs zorgt voor een zo optimaal mogelijke afstemming van het gegeven onderwijs op de leer- en ontwikkelingsbehoeften van alle leerlingen. Een belangrijk uitgangspunt daarbij is de pedagogische invalshoek, gericht op het realiseren van de basisbehoeften van de leerlingen; Competentie (geloof in eigen kunnen), Onafhankelijkheid of Autonomie (weten dat je een probleem zelf aan kunt) en Relatie (weten en voelen dat je gewaardeerd wordt). Adaptief onderwijs is daarom meer dan gedifferentieerd onderwijs. Natuurlijk wordt er gekeken naar wat leerlingen kennen en kunnen (cognitieve basisvaardigheden) en we differentiëren in leerstof, in omvang en in tempo. Maar er wordt vooral gewerkt aan zelfsturing op basis van zelfvertrouwen en een positief zelfbeeld bij leerlingen.

Adaptief onderwijs wordt binnen onze school steeds duidelijker zichtbaar in de instructie, de interactie en het klassenmanagement.